Geïsoleerde dorpen

De gemeenschappen waar wij werken liggen allemaal boven de 3700 meter. Ze liggen geïsoleerd en tijdens het regenseizoen zijn ze moeilijk bereikbaar. Het klimaat is rauw er en er is sprake van extreme armoede. Onder andere nauwelijks of geen toegang tot schoon drinkwater, goed onderwijs of gezondheidszorg.
Peru is een land van grote verschillen. De economie groeit maar tegelijkertijd neemt de armoede nauwelijks af in de afgelegen gebieden. Behalve in de schaarse voedselvoorziening manifesteert de ongelijkheid zich ook op het gebied van onderwijs en gezondheidszorg
De bewoners van de dorpen zijn directe afstammelingen van de Inca’s en spreken een inheemse taal (Q’echua). Ongeveer 6 generaties geleden zijn zij door de Spanjaarden uit de vruchtbare vallei verjaagd. De situatie is er voor deze groep door de jaren heen niet beter op geworden en het blijft moeilijk om aansluiting te vinden met het rest van het land.

De schaarse vruchtbare grond in de gemeenschappen hoog in de bergen, raakt meer en meer uitgeput. Niet alleen door een toename van het aantal bewoners maar ook door de klimatologische veranderingen (minder water). Aardappel is het enige gewas dat de barre omstandigheden lijkt te doorstaan. ‘Naar beneden verhuizen’  is geen optie. Ze spreken de taal niet, hebben niet voldoende inkomsten, geen eigen land en worden gediscrimineerd. De huidige regering belooft  voor deze arme groep. Helaas komt er in de praktijk – door tal van factoren- weinig van de mooie beloften terecht.

Sasicancha (startjaar 2009) 50 families
Chaupimayo (startjaar2010) 70 families
Sayllafaya (startjaar2010) 68 families
K’elloccocha (startjaar2011) 46 families
Ttio (startjaar2013) 62 families
Tiracancha-Alta (startjaar 2012) 146 families
Inquilpata (startjaar 2009) 68 families
Cconchacalla
(startjaar 2012) 398 families
Cchicchimarca (startjaar 2013) 37 families
Ccochaccochayoc (startjaar 2016) 38 families
Pachamachay (startjaar 2016) 140 families